telefoon pictogram +31 88 678 3519

toetsenbord met de letters 'tekst'

 

Duidelijke koppen en titels

De toegankelijkheid van teksten zit hem niet alleen in de structuur. Een toegankelijke tekst is ook begrijpelijk. Die begrijpelijkheid kunt u vergroten door duidelijke titels en koppen te gebruiken. Daarom moet de titel van een pagina duidelijk beschrijven waar de pagina over gaat. En (tussen-)koppen moeten het onderwerp of het doel van de paragrafen die erbij horen beschrijven.

  • Gebruik de knoppen van de editor voor de structuur.
  • Draag informatie niet alleen over door vormgeving van tekst.
  • Gebruik de juiste code om een wisseling in tekstrichting en anderstalige woorden en zinnen te markeren.
  • Geef webpagina's een titel die de inhoud van de pagina beschrijft.
  • Maak geen kolommen, tabellen of speciale teksteffecten met spaties of tabs.
  • Gebruik koppen die het onderwerp of doel van de onderliggende inhoud beschrijven.

 

De structuur van een tekst aangeven

De meeste teksten zijn niet ‘plat’: ze hebben een structuur. Ze bestaan uit koppen en paragrafen, opsommingen of citaten. Vaak is de structuur van een tekst goed zichtbaar in de vormgeving. Kopjes zijn vetgedrukt, net als belangrijke woorden. Paragrafen zijn gescheiden door witregels. Opsommingen en genummerde lijsten herkent u ook direct: elk item staat op een nieuwe regel, voorafgegaan door een opsommingsteken of cijfer.

 

Andere taal of tekstrichting

Gebruik u een woord of een zin in een andere taal? Ook dit moet u aangeven met de knoppen van de editor in het CMS. Dat geldt ook voor de tekstrichting, als die voor een deel van de tekst anders is. Alleen dán leest voorleessoftware de tekst in de juiste taal en volgorde voor.

 

Schrijfklare taal

Een website kan technisch goed toegankelijk zijn, maar dit verliest zijn waarde als de inhoud moeilijk te begrijpen is voor de bezoeker. Een website met informatie die voor iedereen belangrijk is, moet geschreven zijn in duidelijke taal die iedereen begrijpt.

De kunst is dus om webteksten voor het grote publiek zo te schrijven dat iedereen ze begrijpt, ook mensen die niet hoog opgeleid zijn of niet vaak (moeten) lezen. De teksten zijn logisch opgebouwd en hebben een duidelijke structuur. Er staan geen overbodig moeilijke woorden of ingewikkelde zinnen in. Daardoor zijn ze ook prettiger om te lezen voor iedereen.Teksten voor lezers die meer moeite hebben met lezen, moeten uiteraard nog eenvoudiger zijn. Een veel gehanteerde formule is die van Flesch-Douma-formule: leesgemak staat gelijk aan 206,84 – (0,77 x woordlengte) – (0,93 x zinslengte). De score die uit de formule komt, verwijst naar verschillende opleidingsniveaus. Hoe lager de score, hoe geschikter de tekst is voor academici. Hoe hoger de score, hoe makkelijker de tekst is voor leerlingen van de basisschool (groep 6).

 

De Lezer

  • Wordt de lezer persoonlijk aangesproken met ‘u’ of ‘je?’
  • Krijgt de lezer het antwoord op zijn vragen? Is er rekening gehouden met de beperkte voorkennis van de lezers?

 

De Structuur

  • Is de tekst onderverdeeld in paragrafen? Staat informatie die bij elkaar hoort bij elkaar?
  • Is er gebruik gemaakt van titels, tussentitels en ondertitels? Geven ze de essentie weer van wat volgt of van de gebruikte illustratie of foto?
  • Is de samenhang in de tekst duidelijk? Staan er signaalwoorden in? (want, toen, dan, daarom?)
  • Zijn er lijstjes gebruikt voor opsommingen?

 

Zinnen

  • Zijn de zinnen grammaticaal eenvoudig? Zijn er weinig bijzinnen en tangconstructies?
  • Is de lengte van de zinnen aangepast aan de lezers?
  • Worden lange en korte zinnen met elkaar afgewisseld?
  • Zijn de zinnen voor 80 à 90% actieve zinnen?

 

De woorden

  • Zijn er geen overbodig moeilijke woorden of modewoorden gebruikt? Zijn moeilijke woorden uitgelegd als ze niet te vermijden zijn?
  • Is er alleen jargon gebruikt dat de lezers kunnen begrijpen?
  • Zijn er alleen bekende afkortingen gebruikt of staat er een verklaring bij?
  • Is de informatie precies? Staan er geen vage woorden in?
  • Staan er niet te veel ‘verborgen werkwoorden’ in de tekst?
  • Staat er geen dubbelzinnige informatie in de tekst? Staat er niet te veel beeldspraak in de tekst?

Op zichzelf is tekst al heel toegankelijk. Digitale tekst kan met hulptechnologie omgezet worden in spraak of braille. Ook zoekmachines begrijpen digitale tekst zonder problemen. Maar wilt u alle mogelijkheden van tekst benutten, dan geeft u de structuur van die tekst in code aan en zorgt u voor duidelijke koppen en titels.